Bedenkingen bij Marcus 10

geplaatst in: Artikeltje, Verhalen | 0

Als mensen mij enkele maanden geleden vroegen waar ik mee bezig was, dan antwoordde ik vaak lachend dat ik mijn leven aan het opdoeken was. Zo voelde het ook. Alles wat ik heb opgebouwd de afgelopen jaren was ik aan het afronden, mijn job bij Breeze zei ik op, mijn spullen deelde ik uit of stopte ik in dozen. Ik nam afscheid van de mensen van wie ik hield en ik vertrok.

In deze tijd werd ik verschillende keren door vrienden herinnerd aan de tekst uit Marcus 10:29-30:

Jezus zei: ‘Ik verzeker jullie: iedereen die broers of zusters, moeder, vader of kinderen, huis of akkers heeft achtergelaten omwille van mij en het evangelie, zal het honderdvoudige ontvangen: in deze tijd broers en zusters, moeders en kinderen, huizen en akkers, al zal dat gepaard gaan met vervolging, en in de tijd die komt het eeuwige leven.’

Een bemoediging?

De tekst was als bemoediging bedoeld maar gek genoeg was het dat niet. De tekst irriteerde me juist. Het klonk alsof een kind een bijzondere speelgoedauto had die stuk gaat. Zijn vader zegt, maak je geen zorgen, je krijgt 10 nieuwe speelgoedauto’s van me, grotere zelfs dan degene die nu stuk is. Een dergelijke reactie is niet erg gevoelig naar mijn mening. Het erkent de waarde van wat stuk is niet. Niet alles is zomaar te vervangen. Meer is ook niet altijd beter.

Ik snapte de belofte van Jezus niet. Want wat krijg je precies terug? Wat dat betreft, ik wil geen andere familie of andere vrienden, ik hou van de mijne, ze zijn niet zomaar vervangbaar. En honderdvoudig, is dat niet een beetje overdreven? Zo bleef ik worstelen met deze tekst.

Geen bemoediging!

Tot ik me realiseerde dat de tekst misschien wel niet als bemoediging of troost was bedoeld. Jezus heeft het in de voorgaande passages over binnengaan in het koninkrijk van God. Hij zegt dat het moeilijk is en dat er een verandering van mentaliteit voor nodig is:

Maar Jezus zei nog eens uitdrukkelijk: ‘Kinderen, wat is het moeilijk om het koninkrijk van God binnen te gaan… Nu waren ze nog meer ontzet, en ze zeiden tegen elkaar: ‘Wie kan er dan nog gered worden?’ (Mar.10:24-26)

Jezus wijst dan op Gods genade en de kracht daarvan. Gods genade kost ons uiteindelijk alles. God vraagt ons wat ons zijn genade waard is, zoals aan de rijke jongeman. En hoe kun je tegen God zeggen, ik wil wel uw genade maar het mag me niet teveel kosten?

Als er een bemoediging te vinden is in deze tekst, is het er een vanuit de logica van het Koninkrijk. De toevoeging ‘met vervolgingen’ maakt dit duidelijk. De belofte is niet dat als je alles opgeeft, je er uiteindelijk economisch en sociaal op vooruit gaat. De belofte luidt eerder: ja, je hebt alles achtergelaten, je ontvangt andere dingen voor terug maar het zal moeilijk zijn. Hoe dan ook, doe het voor het koninkrijk. Er is een hoop die boven het verlies uitgaat.

Een voorbeeld

Het leven van Paulus illustreert deze tekst. Hij ontmoet God op zijn weg en dat verandert alles. God roept hem om zijn dienaar te zijn, hij mag deel uitmaken van de opbouw van de kerk en het koninkrijk. Tegelijk belooft God Paulus dat hij daarvoor veel zal moeten lijden. Paulus laat alles achter en gaat op weg om het evangelie te verkondigen. Hij vindt een huis en broeders en zusters op de plaatsten waar een kerk begint. Hij ondervindt ook veel moeilijkheden en vervolging. Uiteindelijk wordt hij vermoord tijdens de christenvervolging in Rome. Zou Paulus toen geweten hebben welke invloed hij op de kerk heeft gehad? Of dat zijn brieven nog altijd gelezen worden? Waarschijnlijk niet. Maar hij gehoorzaamde Jezus omdat hij wist dat Gods genade meer was dan het leven.

Dan kan ik alleen maar bidden: God, geef me in uw genade de kracht om Christus na te volgen!

Geef een antwoord