Een wereldsport

geplaatst in: Artikeltje, Verhalen | 0

Voetbal is zo ongeveer de meest populaire en meest wijdverbreide sport die er is. De hoeveelheid mensen die nu het WK volgen in alle delen van de wereld is verbluffend. Het succes van voetbal komt denk ik niet doordat het de meest geweldige sport is, of omdat het de meest makkelijke sport is. Het succes van voetbal komt doordat het een heel toegankelijke sport is. Zelfs ik speel het af en toe.

In alle werelddelen bestonden verschillende varianten op het voetbal tot het gestandaardiseerd werd in Engeland in de 19e eeuw. Dat werd uiteindelijk de officiële versie zoals we het nu kennen. Maar ook deze officiële versie is makkelijk aan te passen aan elke situatie. De laatste keer dat ik gevoetbald heb was in een bergdorpje in de Andes op 3.800 meter hoogte. Ik speelde met een paar Quechua jongens op een basketbalveldje waarbij we tussen de 2 palen van de basket moesten scoren.

Het leuke van voetbal is dat iedereen kan meedoen. Als iemand het spel nog niet kent is het makkelijk uit te leggen. Je kan direct beginnen en gaandeweg leren, in tegenstelling tot zeg wielrennen. Je hebt ook weinig nodig: een bal en 2 goals. Er zijn natuurlijk standaardmaten, maar elk willekeurig veldje en 2 t-shirts als afbakening van het goal is genoeg. Een bal kan een mooie leren bal zijn maar een samengebonden bundel vodden doet het ook. 11 spelers per team of 2 tegen 2, het plezier hoeft er niet onder te lijden. Je kan het aanpassen aan elke situatie. Overal, met iedereen, op elk moment, kan je een potje voetbal spelen.

Dezelfde factoren die spelen in het succes van het voetbal, kunnen ook de sterke punten van het christendom zijn. Natuurlijk zijn er de officiële kerkdiensten op zondag, maar dat is niet het enige wat mogelijk is. Een samenkomst kan aangepast worden aan elke situatie en cultuur. Het hoeft heel niet ingewikkeld te zijn of hoogdrempelig. Op elk moment met iedereen en overal kan je samenkomen om God groot te maken.

In hetzelfde bergdorpje waar ik voetbal speelde met de jongens hielden we ‘s avonds een samenkomst voor het hele dorp. We stonden onder een afdakje te schuilen voor de regen, ingedoken onder onze dekens tegen de kou. Onze handen warmden we aan een bekertje warme choco. Een van de medewerkers vertelde het verhaal van het evangelie. We zongen liederen in Quechua en in het Spaans. De liederen waren simpel en iedereen die ze nog niet kende, kon ze zo leren. De kleine kinderen tot de opa’s en oma’s deden mee. Veel meer is niet nodig…

Steve Addison, Movements that change the world.

Geef een antwoord