Over slaven, vrouwen en goede exegese

geplaatst in: El Seminario | 2

Ik ben geen wandelend commentaar. Dat zeg ik meestal in de eerste les, om te zorgen dat de verwachtingen realistisch blijven. Ik kan niet van elk vers een uitgebreide exegese met bespreking van het Grieks geven, uit mijn hoofd. Maar naast de algemene introductievragen (wie is de schrijver, wat was de aanleiding, enz.) focus ik voor elke brief op enkele belangrijke passages. Daarnaast hoop ik de exegetische vaardigheden van mijn studenten verder te stimuleren. Daarom behandelden we (de achtergrond van) 1 Petrus 2:11-3:22, de zogenaamde huistafel.

Paulus en Petrus hebben de huisteksten niet uitgevonden, ze komen uit de Grieks-Romeinse cultuur. Met name de teksten van Aristoteles zijn bekend. Hij zegt bijvoorbeeld:

“The first and fewest possible parts of a family are master and slave, husband and wife, father and children.”

Herkent u de onderverdeling? Maar een belangrijk verschil is dat Aristoteles zich alleen richt tot de vrije mannen. Zijn positie is helaas niet zo vrouw- en slaaf-vriendelijk:

“But among barbarians no distinction is made between women and slaves, because there is no natural ruler among them.” 

“Again, the male is by nature superior, and the female inferior; and the one rules, and the other is ruled; this principle, of necessity, extends to all mankind.”

Het verschil tussen de benadering van Aristoteles en Petrus is groot. Een van mijn (mannelijke) studenten riep spontaan uit: “Wow, dan is het echt wel even wat anders, dat wat Petrus tegen de mannen zegt! Mannen moeten hun vrouw respecteren!”

Precies. Dat was nu net mijn punt.

Zonder de historische context is het erg makkelijk om exegetische vergissingen te maken, en deze teksten bijvoorbeeld te gebruiken om machismo te verdedigen als bijbels.
Zonder de historische context mis je al snel de radicale transformatie die Petrus hier voorstelt.
Zonder de literaire context mis je de basis die Petrus eerst meegeeft: slaven, vrouwen, mannen, wij zijn allemaal geroepen als een koninklijk priesterschap en alles wat we doen moet vanuit die identiteit komen.
Zonder literaire context is lees je makkelijk om het doel van de huistekst heen: De tekst is missiologisch van aard; het gaat om het getuigenis van de kerk.

“Leid te midden van de ongelovigen een goed leven, opdat zij die u nu voor misdadigers uitmaken, door uw goede daden tot inzicht komen en God eer bewijzen op de dag waarop hij komt rechtspreken.” (1Pet.2:12)

 

Voor degene die meer interesse hebben, toevallig is er deze week over dit onderwerp een synchroblog aan de gang (waar verschillende blogs over het zelfde thema schrijven). Het artikel “The NT Haustafeln” geeft ook een goed inzicht in de dynamiek van de tekst.

2 Antwoorden

  1. Jona

    En in de tien geboden, wat gebeurt daar precies op het einde? Is dat te wijten aan de cultuur of toch aan een inherent oud-testamentisch machisme?

  2. Janita

    Dat gebod is juist heel vrouwvriendelijk, alleen mannen mogen geen andere vrouwen begeren, maar het verbod zegt niet dat vrouwen geen mannen mogen begeren 😉

    Maar zonder gekheid, je hebt een punt, machisme is bijbels, als in, t komt erg veel voor in de bijbel, met name in het OT. Juist daarom dat de huisteksten een andere mentaliteit laten zien. Hoe dan ook, het punt van deze teksten is niet (imho) om een algemene sociale structuur aan te dragen, maar eerder bespreken ze hoe je je kunt gedragen als een christen in bestaande sociale structuren, met als doel het evangelie te verkondigen.

Geef een antwoord