
Twee pioniers in de Andes: het begin van SIM in Bolivia
De geschiedenis van SIM in Bolivia begint met gebed.
In 1897 hoorden George Allen en Mary Allen over wat destijds “het verwaarloosde continent” werd genoemd: Zuid-Amerika. In Bolivia bijvoorbeeld, waren nauwelijks protestantse zendelingen actief en de Rooms-Katholieke Kerk had een zeer sterke positie. Terwijl zij voor het continent baden, groeide hun verlangen om zelf naar Bolivia te gaan.
Langzaam werd dat verlangen een overtuiging: God riep hen om daarheen te gaan.
Ze begonnen zich voor te bereiden. Na twee jaar taalstudie in Argentinië reisden ze in 1903 naar Bolivia. Daar vestigden ze zich in het kleine Andesdorp San Pedro de Buena Vista. Het was een afgelegen plek hoog in het gebergte — een moeilijke omgeving, maar precies daar wilden ze beginnen.
Hun werk groeide langzaam. In 1907 richtten George en Mary Allen de Bolivian Indian Mission (BIM) op, een organisatie met een duidelijke visie: het evangelie delen met de inheemse bevolking van Bolivia.
Mary Allen beschreef hun roeping met deze woorden:
“I am glad that we are going back… Out there you look into the face of thousands, and in none does one see the light which alone can bring liberty to the soul, and joy and peace of mind. We carry the joyous news that has made us free. I feel pleased and honoured that God had called us to the work again. Those people do not know the Lord Jesus, although they have images of Him. Cruelty and illtreatment rules there. We know what a change it makes in one’s life when Jesus comes in bringing peace and gladness. How much more then does it mean to these people whose circumstances are so entirely different to ours!”
Wat begon met twee mensen die baden voor een continent, groeide uit tot een beweging van zendingswerk in Bolivia die vandaag nog steeds voortduurt.








